Sinterklaas, wie kent ‘m niet?

Nou, eerlijk gezegd, ik ken de beste man niet. Het is mij nog steeds een raadsel wie er in zo’n tabberd kruipt en wat er onder die baard verstopt zit. Vroeger was het anders. De Sint en alles wat daarbij hoorde was boven iedere twijfel verheven. Tot aan het onvermijdelijke, historische Elsje Koot moment.

Vol ontzag keek ik op tegen wie er dan ook verscholen zat onder de Sintverpakking. Soms kwam ik wel drie Sinterklazen tegen binnen het uur, maar dat deerde niet. In de zalige veronderstelling dat mijn moeder a-l-t-i-j-d de waarheid zei, geloofde ik onvoorwaardelijk in Hulpsinterklazen. Die oude man kon toch niet overal tegelijk zijn, hè? Dat al die Hulpbaarden juist tot gevolg hadden dat er overal tegelijk hele hordes Sinten rondhobbelden, drong niet tot me door. Ik verkeerde nog in heerlijke onwetendheid en genoot met volle teugen.

Tot de onomkeerbare minuten dat Elsje Koot mij op de hoogte bracht van het verbijsterende nieuws.“Nee hoor, Sinterklaas bestaat echt niet! Of geloof jij nog steeds van wel?”

Natuurlijk slikte ik deze onzin niet voor zoete koek. Pff, wat dacht ze wel. Jezus, wat een dom kind, zeg. Want, van wie kwamen dan al die kadootjes, hè? En ik stond toch zeker niet iedere avond voor de kat z’n k*t Sinterklaas Kapoentje te zingen? En die wortel en dat water voor het paard, die waren toch mooi steeds verdwenen, o zo! Net als het borreltje dat we af en toe voor Sinterklaas neerzetten, trouwens. Bewijzen te over: de Sint bestond…en hoe!

En toch, heel even maar, in een flits van een seconde, dacht ik:“en wat als het nu wel waar is, hè? Wie is er dan de ongelooflijke stommerd? Wie heeft zich dan toch echt vreselijk in de maling laten nemen?”

In spelen had ik geen zin meer en ik drentelde naar huis. Daar trof ik mijn moeder aan. Woorden waren eigenlijk niet meer nodig. Zij zag aan mij dat ik mijn onschuld was kwijtgeraakt en ik zag aan haar dat Elsje de waarheid had verteld.

Toch was het niet genoeg! Ik wilde het horen, luid en duidelijk! In een onverklaarbare behoefte aan zelfkwelling spuwde ik de vraag naar buiten. Mijn moeder kalmeerde me…Elsje had niet gelogen. Zij niet…

~ door helen op november 24, 2007.

2 Reacties to “Sinterklaas, wie kent ‘m niet?”

  1. Volgens mijn moeder heb ik het geheim achter het fenomeen St.Klaas zelf uitgevogeld. Het gekke is dat ik nog altijd die enthousiaste verwachtingsvolle kriebel voel op het moment dat de beste man (of wie er dan ook onder die baard zit) voet op Nederlandse bodem zet. Toen mijn moeder me bevestigde hoe het verhaal in elkaar zat, vond ik het geweldig dat ik vanaf dat moment ook deel uit maakte van het genootschap dat wist van de hoed en de rand :-)

  2. ik weet niet meer hoe ik erachter ben gekomen dat hij niet bestond
    ik weet wel dat ik het voor mijn kinderen zo ontzettend leuke tijd vond toen ze er nog in geloofden,de spanning,de deur open maken als er kadootjes buiten stonden,schoen zetten bij de buitendeur want er was geen schoorsteen meer,naar scheveningen gaan en in de ijzige kou een paar harde pepernoten tegen je hoofd krijgen
    erg leuke tijd en jammer dat ze zo snel groot worden

Reageer